vrijdag, mei 28, 2010

Hato Mugi

Ja, sinds we samenwonen sluipen er gekke dingen in mijn 'dieet'. Gisteren had ik weer prijs, toen bleek dat er in de soep naast rijst ook nog 'Hato Mugi' zat. Als ik me niet vergis een soort van parelgerst dat maar liefst 45 minuten gekookt had. Lekker, zo'n soepje met een beetje bite.

Hato Mugi dus! Naast kombu, miso, shoyu, daikon, en nog een hele reeks gekke namen is ook dat in mijn voedingspatroon geslopen. Volgens vriendin ben ik binnen het jaar nog macrobioot, al durf ik dat te bewijfelen.

Uiteraard verrijk ik, bij wijze van wederdienst, ook vriendins eetpatroon met allerlei 'nieuws'. Haar beste nieuwe vriend, die gewoon in de ontbijtkast woont, heet Nutella. Samen met mijnheer koffielepel beleven ze met zijn drietjes de dolste avonturen.

donderdag, mei 27, 2010

Dessertendiner!

Een bezoekje aan Espai Sucre in Barcelona, ooit het allereerste dessertenrestaurant van de wereld… ik denk dat het er in augustus wel van gaat komen. Als de teller van de thermometer vlotjes de 30°C overschrijdt kan het immers niet moeilijk zijn om ofwel vriendin, zus, schoonbroer of moeder en haar vriend te overtuigen. En in het slechtste geval ga ik gewoon alleen. Stiekem hoop ik natuurlijk nog op de jackpot (een onverwachte uitnodiging bij El Bulli) maar Espai Sucre is een meer dan mooi zoethoudertje.

Naar analogie met het gedachtegoed van Espai Sucre openden er indertijd trouwens meer en meer dessertenrestaurants hun deuren, waaronder bijvoorbeeld in New York, Amsterdam, Tokyo… Zo ontstond de mogelijkheid om je op te bezondigen aan een overvloed van zoete zaligheden, op een niveau dat dat van het lokale wafelhuis oversteeg.

Volgende donderdag kan ik me, op uitnodiging van Carte d’Or, in het Brusselse ook eens laten gaan op een dessertendiner. Tekenden present om een inspirerend dessertenmenu samen te stellen: topchefs Fabrice Collignon, Filip Claeys en sommelier Steve Bette. Iets in mij zegt nu al dat om duimen en vingers bij af te likken wordt. Uiteraard volgt er een (foto)verslag.

vrijdag, mei 21, 2010

Over cowboys en een broodje ei!

Een daguitstap was zelden leuker dan al die keren dat we naar een ander land trokken en dat in eigen regio. Bobbejaanland op een steenworp van huis, jeugdsentiment hé! Kenmerkend voor deze uitstapjes, zeker toen we nog snotneuzen waren, was het boterhammetje met ei. Door het jaar aten we dat nooit, maar gingen we naar Bobbejaanland, dan zaten er boterhammetjes met ei in het lunchpakket. Als ik er nu over nadenk was dat volgens mij gewoon omdat de vette troep die je in het park kan krijgen misschien niet direct ‘attractieproof’ was. Maar met de bokes met ei… nooit lasts.

Het was trouwens pas in mijn tienerjaren dat ik in ‘den onderstenboven’ durfde te gaan, de natte attracties waren meer mijn ding. En elk jaar weer was het uitkijken naar de nieuwe attracties. The Rainbow, gigantische schuifaffen, vliegtuigjes, de Revolution, waterbakskes die plots achteruit gingen… het kon niet op. Maar een bezoekje was nooit compleet als we Bobbejaan himself niet zagen in zijn Amerikaanse slee, pistolen en beestenhorens incluis. Dan was het echt feest, en liepen we achter je auto tot onze schoenzooltjes versleten waren.

En als ik zelfs heel hard terugdenk aan vroeger, maar dan echt heel hard, dan kan ik me herinneren dat we wel eens in één van de ‘saloons’ iets gingen drinken met heel de familie. Binnen speelde er dan iemand ten dans tot groot jolijt van de volwassenen. Wij kleine rakkers daarentegen wilden natuurlijk gewoon terug dat pretpark in. Hoe zou je zelf zijn. Wisten wij toen veel dat onze held op het witte paard daar misschien zelf wel eens een riedeltje kwam fluiten.

Gisteren een vrijkaart gekregen voor Bobbejaanland. Benieuwd welke nieuwe attracties er allemaal zijn bijgekomen en welke mogelijk plaats hebben moeten ruimen. Een ding is nu echter zekerder dan ooit, in die slee zullen we je helaas niet meer zien. Het zal er stuiven op die eeuwige jachtvelden, nu er een nieuwe cowboy (lees kehbooi) is gearriveerd.

maandag, mei 17, 2010

't Zilte ** verhuist naar Antwerpen

Als het hier windstil is wil dat zeggen dat ik druk bezig ben met andere dingen. De computer maken bijvoorbeeld, vergaderingen houden over allerlei barbecuegerelateerde evenementen die op til staan, of gewoon met andere zaken die niet direct jullie zaken zijn.

Of ik dan niet te melden heb? Tuurlijk wel. Als mijn welingelichte bronnen voldoende welingelicht zijn, en mij met andere woorden niet aan het spreekwoordelijke lijntje houden, dan zouden we hier misschien zelfs over een primeur kunnen spreken.

Zo zou, de formaliteiten zijn me kort en extreem bondig per sms doorgestuurd, een verhuis op til zijn van tweesterrenrestaurant 't Zilte van het mondaine Mol naar het nog mondainere Antwerpen. Viki Geunes zou, bronnen zijn er nu eenmaal om te wantrouwen, vanaf 17/5/2011 zijn intrek nemen in het MAS-gebouw en MAS staat voor Museum Aan de Stroom. Kijk, toch nieuws vanuit de Kempen.

vrijdag, mei 07, 2010

Exit Kom' Af

Het doek is gevallen. De artiesten die, ongetwijfeld met tranen in de ogen, verplicht de coulissen op dienden te zoeken heten Jeroen en Isaura. Dat is jammer, want waar ik hen bij het begin van de reeks nog hetzelfde lot als de kibbelende hartsvriendinnen toewenste, zag ik ze nu graag een ronde ofzo verder gaan. Ik maak mezelf graag wijs dat ‘Mijn Open Brief’ voor de ommekeer heeft gezorgd, want eens de scherpe kantjes eraf gevijld viel ‘Thuiskok Jeroen’ goed mee. De gastronomische hoogvlieger die je in een dergelijk programma zou verwachten was hij misschien niet, maar een (h)eerlijke keuken is nooit mis. Op voorwaarde dat je producten dat ook zijn natuurlijk. Of die misstap, die trouwens na een zoveelste bezoek van Peter Goossens werd rechtgezet, Kom’Af de das heeft omgedaan zullen we allicht nooit weten. Feit is wel dat jullie één van de, zoniet het meest rendabele restaurant van de 5 kandidaat-koppels hadden.

Een schande is het trouwens niet, om de duimen te leggen tegen het Antwerpse duo Karel en Ken van Karnivale, dat in Aalst het mooie weer mag proberen te maken. Op culinair vlak mogen ze de hoge verwachtingen nog lang niet ingelost hebben, hun parcours is op zijn minst bewonderenswaardig te noemen. Invallers, Antwerpenaren in een verkeerde provincie, een nog razender tempo waaraan gewerkt moest worden… Ondanks dat alles sloegen ze, Karel op kop, er steeds in om met een nuchtere blik en uitermate sympathiek voor de dag te komen.

Mijn Restaurant gedraagt zich wisselvalliger dan een – met alle respect – grillige dame in de overgang. Meer dan ooit mag dit jaar blijken dat het programma vooral een sterk staaltje beeldmontage betreft. De ene aflevering huizenhoog favoriet, de volgende uitgespuwd door de kijker en dat alles dankzij enkele simpele televisietrucs. Het blijft natuurlijk televisie en een reeks is maar zo spannend als zijn laatste aflevering dus zullen we de programmamakers maar vergeven.

‘Alea iacta est’ twitterde er iemand, alleen telde de teerlingen van restaurant Kom’af net een paar ogen te weinig om door te gaan. Op naar de volgende verkiezingen, en m’n kop eraf als het niet weer een kempenzoon is die mag opzouten.

donderdag, mei 06, 2010

En het restaurant dat moet sluiten is...

...Dell' Anno wegens de boeken neergelegd. Een onverwachte wending die zijn weerga niet kent als je het mij vraagt. Wie dacht dat het in 'Mijn Restaurant' vandaag louter tussen het Mechelse Kom'Af en het Oalsterse Karnivale ging is dus goed bij de neus genomen.

woensdag, mei 05, 2010

Over curryworst en cullywolst!

Het begon met de mij niet geheel onbekende enthousiaste moraalridder A. Van Gerwen, die in een lezersbrief aan Humo de kat de bel aanbond. Op Facebook is er namelijk de bewuste groep 'Als ge het woord cuRRyworst niet kunt uitspreken, moete geen frituur openen’. Racisme vond Van Gerwen. De bedenkelijke eer om lid te worden van deze groep had ik een tijdje terug al aan mij laten passeren, maar toch, platvloers racisme zag ik er nu ook weer niet in. Dat krijg je als je opgroeit met strips zoals ‘De Gele Spin’ uit de Jommeke reeks.

Na het verschijnen van de lezersbrief berichtte ook Het Nieuwsblad en Gazet Van Antwerpen over deze groep, en het debat dat er nooit echt een was stierf een stille dood. Niemand scheen zich zelfs de moeite te troosten om eens een frietje te gaan steken en vervolgens een culinair rapport over de Chinese frituurkunsten te brengen. De (on)dankbare taak voor een foodblogger dan maar.

Gewapend met een gezonde dosis honger trok ik naar Frituur De Graatakker, één van de drie zaken die door Xiao Dong Zhao uitgebaat worden. Het cliënteel bestond uit een bejaard koppel dat net aan hun avondmaal was begonnen, een tiener die zijn telefonische bestelling kwam afhalen en een – zo mag ik alvast hopen – oudere man met zijn jonge niet onaardige dochter. Een typisch frituur tafereel met andere woorden.

Het toeval wil dat er een aquarium in de zaak stond, zoals dat ook het geval is bij het gemiddelde Chinese restaurant. Maar ook mijn buurman zaliger was vroeger de trotse bezitter van een aquarium, en Aziatische roots had hij allerminst. Nee, een aquarium is zo Vlaams als maar kan zijn. In mijn ooghoeken zag ik dat het jonge meisje haar blik op de visjes had laten vallen. Toen haar vader luttele seconden later een fishburger bestelde kon ik mijn monkellachje nauwelijks onderdrukken. En datzelfde monkellachje was niets tegen de ‘glimlach tot achter de oren’ waarmee de jongenmanskerel achter de verstoog mij vlotjes bediende.

Viandel, frietje, flesje cola… een avondmaal voor winnaars maakte ik mezelf wijs! Gezien ik uit Oosthoven afkomstig ben, ben ik royale porties friet gewoon en Frituur Graatakker moest daarvoor alvast niet onderdoen. Maar wat eten betreft gaat kwaliteit boven kwantiteit dus de smaakproef zou doorslaggevend zijn. Op de fiets pitste ik dus enkele pijltjes uit mijn puntzak en ook hier scoorde Frituur Graatakker. Lekker krokant, niet te vet, goed gebakken… Niets op aan te merken.

Een muggenzifter mag dan gemakkelijk om over de uitspraak van het woord curryworst vallen,
als ik op het einde van de rit met de glimlach bediend ben, veel en vooral lekkere frietjes gegeten heb, dan lig ik daar alvast niet van wakker.

Groene Vingers

Groene vingers heb ik nooit gehad denk ik. Als er vroeger onkruid gewied moest worden was ik in geen velden te bekennen en om mij het gras te laten maaien moest er toch al wel iets tegenover staan. Bedorven jeugd!

Met grootvader naar zijn stadstuin gaan vond ik dan weer wel leuk. Sla, wortellen, aardappelen. Van niets, iets… dat maakte toch indruk. En aan zijn garage leek altijd wel rabarber te groeien. Leuk om te eten met flink wat suiker, of om als paraplu te gebruiken bij regenweer.

Bompa heeft me ooit geholpen, op een klein stukje grond achter in onze tuin bonen te planten. Ik geloof dat er een staak of 4 stond en als ze oogstrijp waren liep ik fier als een gieter achter moeder aan. Goed bekeken van ‘den bompa’, want dit bleek de ideale manier te zijn om me nuttig bezig te houden, en groentjes te doen eten. God weet wat ik op m’n perceeltje ooit nog gezet heb, maar plots was het weg. Niet gestructureerd aangeplant en als onkruid gewied door moeder. Ben ik er maar direct mee gestopt.

De overburen deden het beter, daar stond alles netjes in rijtjes, met plaatjes erbij. Als wij zin hadden in een wortel, vers uit de tuin, dan wisten we direct in welke rij we moesten zijn. Het lekkerste vond ik echter verse erwtjes, rech uit de peul. Die gingen we dan weer stiekem bij andere buren ontvreemden. Kun je amper een ‘jeugdzonde’ noemen denk ik dan.

Onlangs zelf zeer bescheiden begonnen met wat kruiden en een beetje sla! Wee het gebeente van de lokale jeugd die dit stiekem komt opeten.
Tevens verschenen op www.moestuinblog.be

dinsdag, mei 04, 2010

Champignonspread Maison

Vriendin heeft het wel voor de champignonspread van Bio Planet. Telkens we er komen bestelt ze 100 gram aan de versafdeling en dan kan ze weer een dag of twee verder. ’t Ziet er niet echt uit, maar slecht smaken doet het niet.

Afgelopen week stond merkte ik nog een bakje champignons op in de koeling dat, indien ik er niets mee deed, er nu nog zou staan. Ik heb de champignonspread dan maar nagemaakt, en met succes zo blijkt want ondertussen is mijn tweede ‘maaksel’ bijna op. De volgende keer gaat vriendin alles nauwgezet opvolgen zodat ze het zelf ook kan maken. Moeten we dat alvast niet meer kopen in de winkel.

Met volgende ingrediënten heb ik het gedaan, al lijkt het me duidelijk dat de champignons, soyaroom en pesto de basis vormen en je vervolgens wat kan freewheelen.

Nodig:

250 gr champignons (in fijne blokjes gesneden)
1 sjalot
Groentebouillonpasta
Witte wijn
Pesto
Tuinkers
Basilicum uit een tube (moest op)
Yoghurt


Doen:

* Sjalot fijnsnipperen en samen met de champignons aanstoven in een beetje olijfolie.
* Scheutje witte wijn toevoegen, samen met groentebouillonpasta en omroeren.
* Scheutje soyaroom en basilicum toevoegen, goed omroeren en laten inkoken.
* Afsmaken met groene pesto en laten afkoelen
* Beetje yoghurt toevoegen om het smeuïg te maken en er verse tuinkers onder mengen.
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...